Bijlage B: Artefacten maken

Gebruik deze werkwijze als je een artefact nodig hebt, maar geen van de bestaande opties past. Of gebruik haar als je een idee hebt dat je wilt uitwerken. Maak bij elke stap aantekeningen van je beslissingen of uitkomsten.


1 Herkomst en thema

Kies of werp de herkomst van het artefact.

Kies of werp daarna een of meer thema's uit het aangegeven hoofdstuk. Laat het thema (of de thema's) al het andere aan dit artefact bepalen.

* Gebruik de thematabel van het eerstgenoemde hoofdstuk. Gebruik bijvoorbeeld de thema's van de Smidseheren voor de Ustrina.


2 Aard

Kies er een of werp, ga dan naar de aangegeven deelstap en volg de aanwijzingen daar.

Aard
1-3Het is een alledaags voorwerp, relikwie of artefact (volgende kolom, stap 2a)
4-6Het is een voorwerp of hoeveelheid vreemd materiaal (2b. Vreemd materiaal, stap 2b)
7Het is onbetaalbaar (2b. Vreemd materiaal, stap 2c)
8Het heeft een buitengewone eigenschap (2d. Buitengewone eigenschap, stap 2d)
9Het huisvest een geest of bewustzijn (2e. Geest of bewustzijn, stap 2e)
10-11Het is een bron van kennis (2f. Bron van kennis, stap 2f)
12Het brengt een magisch effect voort (2g. Magisch effect, stap 2g)

2a. Alledaags

Het is geen magisch wonder, maar wel interessant, nuttig en/of waardevol. Kies of werp waarom het ze iets kan schelen.

waarom het ze iets kan schelen
1Het zou een mooie trofee/een mooi cadeau/iets om aan de kinderen te laten zien zijn (Waarde 0)
2Het is nuttig – zoals gereedschap, een wapen, voorraden, enz. (Waarde 0 of 1)
3Het is nuttig maar ook ongewoon, gespecialiseerd, zeldzaam (Waarde 1)
4Het is fraai, mooi, uitstekend (Waarde 1)
5Het heeft een uitgesproken herkomst/stijl (Waarde 1 of 2 voor een verzamelaar)
6Het is op zichzelf waardevol – zilver, handelswaar, enz. (Waarde 2)
7Het is echte luxe en/of een statussymbool (Waarde 2)
8Het is kostbaar, maar alleen voor de juiste koper (Waarde 2 of 3)
9Het is voortreffelijk gemaakt, een ding van schoonheid (Waarde 3)
10Het is op zichzelf waardevol – goud, edelstenen, exotische waren, enz. (Waarde 3)
11Het is een aanwijzing, of het hint naar het grotere geheel, en werp opnieuw
12Het biedt een kans: een sleutel, een hulpbron die ze kunnen ontginnen, een kaart, enz.

Kies of werp nu de vorm (3 Form, stap 3).


2b. Vreemd materiaal

Kies er een of werp, en volg de aanwijzingen bij dat resultaat.

materiaal
1-2Makersglas, het meest verbonden met de Steenheren; kies of werp de vorm en eigenschap en ga dan naar synthese (4 Synthesis, stap 4)
3-4Aetherium, te vinden bij locaties van de Stormheren zoals de Vervallen Toren; kies of werp de vorm en eigenschap en ga dan naar synthese (4 Synthesis, stap 4)
5Orichalcum, het meest verbonden met de Smidseheren; kies of werp de soort en ga dan naar synthese (4 Synthesis, stap 4)
6-7Donkerijs, gemaakt door de Rijpheren en hun volgelingen; kies of werp de vorm en eigenschap en ga dan naar synthese (4 Synthesis, stap 4)
8Zwart ijzer, het meest verbonden met oermachten en Aratis; kies of werp de vorm en ga dan naar synthese (4 Synthesis, stap 4)
9-10Rood kristal, een manifestatie van de Dingen Beneden; kies of werp op de volgende tabel en doe wat die zegt
11-12Roodhout, een natuurlijke band voor geesten van de wildernis, vaak gebruikt door het Woudvolk; kies of werp op de volgende tabel en doe wat die zegt
rood kristal/roodhout
1-4Vol onbenut potentieel (Waarde 1 of 2 voor de juiste koper); ga naar vorm (3 Form, stap 3)
5-7Heeft een buitengewone eigenschap (volgende pagina, stap 2d)
8-10Huisvest een geest of bewustzijn (2e. Geest of bewustzijn, stap 2e)
11-12Brengt een magisch effect voort (2g. Magisch effect, stap 2g)

2c. Onbetaalbaar

Wat maakt het zoveel waardevoller dan zijn vorm zou doen vermoeden? Kies er een of werp.

onbetaalbaar omdat
1Wie het ziet, gaat het begeren (Waarde 4)
2Groot historisch/religieus belang (Waarde 4 voor de juiste koper)
3Er zijn er maar een paar (?) ooit gemaakt, als je de verhalen mag geloven (Waarde 4 voor de juiste koper)
4Betoverende schoonheid (Waarde 4)
5-6Ver boven de schamele kunsten van stervelingen (Waarde 4)
7-8Gemaakt van of met edele metalen/ edelstenen/materialen (Waarde 4)
9Verheven, inspireert wie het ziet (Waarde 4)
10Symbool van gezag over een volk (Waarde 5 voor de juiste koper)
11Het heeft een andere eigenschap die het Waarde 4 of 5 geeft
12Het is een schat van diverse kostbaarheden (Waarde 5, onbeweeglijk); kies of werp voor de vorm (3 Form, stap 3), zo vaak als je wilt

Nog steeds hier? Kies of werp dan de vorm (3 Form, stap 3).


2d. Buitengewone eigenschap

Kies of werp er een. Vergeet het thema niet!

eigenschap
1Beweegt en handelt uit zichzelf
2Absorbeert ___ en slaat de kracht ervan op (vuur, bliksem, haat, stilte, enz.)
3Versmelt materialen naadloos op een onmogelijke manier
4Straalt ___ uit (vlammen, licht, geluid, stilte, een gevoel, enz.)
5Is veel, veel ___ dan het zou moeten zijn (zwaarder, harder, sneller, stiller, enz.)
6Kan niet ___ worden (gebroken, verbrand, gesmolten, opgespoord, enz.)
7Vervult wie ernaar kijkt met ___ (hebzucht, woede, vrede, vreugde, enz.)
8Snijdt dwars door/kan ___ verwonden (steen, geesten, enz.)
9Kan alleen/niet worden waargenomen door ___ (Fae, geesten, de doden, moordenaars, enz.)
10Gloeit/zoemt/trilt in de nabijheid van ___ (goud, magie, leugens, gif, enz.)
11Beschermt tegen/weert ___ af (emotionele magie, vuur/hitte, geesten, enz.)
12Werp twee keer, maar behandel een van de uitkomsten als nadeel of gebrek Artefacten met buitengewone eigenschappen kunnen ook nog een extra bijzonder kenmerk hebben. Kies of werp:
extra kenmerk?
1-6Nee, kies of werp de vorm (3 Form, stap 3)
7-8Het huisvest een geest of bewustzijn (2e. Geest of bewustzijn, stap 2e)
9-10Het is een bron van kennis (2f. Bron van kennis, stap 2f)
11-12Het brengt een magisch effect voort. (2g. Magisch effect, stap 2g)

2e. Geest of bewustzijn

Het artefact dient als band Geesten van de Wildernis voor een geest, of is op een andere manier zijn thuis.

Kies of werp de aard van deze binding.

soort binding
1-2Gevangen en opgesloten (zij het niet waterdicht)
3-5Geketend, tot slaaf gemaakt, gedwongen te dienen
6-7Dient vrijwillig, gebonden door zijn eigen aard/verlangens
8-9Gevangen door een ongeluk, wanhoop, een speling van het lot
10-12Woont hier van nature, uit zichzelf

Kies dan een geest of bewustzijn die past bij de binding, de herkomst en het thema. Twijfel je, werp dan .

geest/bewustzijn
1Een verdorven geest, en werp opnieuw
2Een geest van een dode
3Een schaduw of een vergelijkbare afdruk van iemands persoonlijkheid
4Iets van voorbij de Laatste Deur, zoals een doolgeest of een gwyllgi
5Een Fae, hoe vreemd ook
6Een kleine god
7Een tulpa, of het intellect van een construct (Smidseheren of 392)
8Een geest van de wildernis
9Een emanatie van een Ding van Beneden
10Een jonge, onvolgroeide geest, en werp opnieuw
11Een archont of een ander oerwezen
12Een menigte... (werp opnieuw)

Kies of werp nu de vorm (3 Form, stap 3).


2f. Bron van kennis

Kies of werp welke kennis het overdraagt en hoe die is vastgelegd.

overgedragen kennis
1De waarheid/geheimen achter een groep of legendarische figuur
2De zwakte/geschiedenis/oorsprong/het hol van een grote bekende dreiging
3-4De gevaren/geheimen/geschiedenis/ligging van een mysterieuze of legendarische plek
5-6De werking/geheimen/geschiedenis/verblijfplaats van een magisch voorwerp of arcanum
7-9Een kunstgreep of techniek die in de oudheid verloren is gegaan
10-12De werking van een ritueel/spreuk – kies of werp de functie en het nadeel en keer dan hier terug
hoe het is vastgelegd
1Bekend bij een entiteit die aan het artefact gebonden is; ga terug naar geest of bewustzijn (vorige pagina, stap 2e) en doe wat daar staat
2-5Gegraveerd op/in het artefact: oeroude runen of schrift in een lang uitgestorven taal
6-7Ter versiering van het artefact: snijwerk/ schilderingen/versieringen/diagrammen
8-9Gekrabbeld op/in het artefact: een geheimschrift, waanzinnig geraaskal, vreemde aantekeningen, enz.
10Als visioen/droom, overgedragen aan wie het aanraakt/betreedt/nadert
11-12Gegraveerd op/in het artefact: duidelijk voor wie de taal kan lezen

Kies of werp nu de vorm (3 Form, stap 3).


2g. Magisch effect

Kies of werp de functie van de magie (wat ze doet) en haar nadeel. Combineer die met de herkomst en het thema om je voor te stellen om welke spreuk, kracht, zegen of vloek het gaat.

functie
1Scheppen/oproepen/vervaardigen
2Verdedigen/afweren/beveiligen
3Vernietigen/doden/verteren
4Insluiten/binden/vangen
5Versterken/verfijnen/zuiveren
6Verminderen/verkleinen/onderdrukken
7In stand houden/genezen/herstellen
8Waarnemen/identificeren/onthullen
9Verbergen/vermommen/verwarren
10Manipuleren/beheersen/dwingen
11Transformeren/combineren/hervormen
12Werp twee keer en combineer
nadeel
1Littekens: laat een blijvend thematisch teken achter op jou/het doelwit
2Gevaarlijk: kan verwoestende, ongewenste bijwerkingen hebben
3Veeleisend: kost veel moeite om op te roepen/in werking te stellen/in stand te houden
4Wanklinkend: trekt ongewenste aandacht
5Grillig: faalt op ongelegen momenten
6Zwak: makkelijk te weerstaan met wilskracht/ standvastigheid/voorbereiding
7Willekeurig: onnauwkeurig in doelwitten/duur/effect
8Uitputtend: verzwakt jou/het artefact/het doelwit
9Beperkt: werkt alleen onder bepaalde, thematische omstandigheden
10Kostbaar: vraagt offers, verbruikt hulpbronnen
11Traag: kost tijd om op te roepen/zich te manifesteren
12Werp twee keer

Hoe vaak kan een artefact dat een magisch effect voortbrengt (in tegenstelling tot spreuken of rituelen) gebruikt worden? Kies of werp.

gebruik
1-3 gebruiken, daarna is het opgebruikt/kapot/krachteloos
4-6 gebruiken, daarna moet het opgeladen/ aangevuld worden
7-8Een paar ladingen, die bij elk gebruik verloren kunnen gaan; laadt op met tijd of moeite
9Naar believen, maar elke keer riskanter/minder krachtig/kostbaarder; herstelt met moeite of langzaam na verloop van tijd
10Naar believen, maar elk gebruik heeft een prijs/risico
11Naar believen, al beperkt door praktische zaken
12Doorlopend; het werkt altijd

Ga nu naar stap 3 hieronder om de vorm te kiezen of te werpen.


3 Vorm

Als de grootte van het artefact nog niet vastligt of je niet duidelijk is, kies of werp die dan.

grootte
1-2Een klein voorwerp
3-4Een voorwerp of object ◇
5-6Een ◇◇ voorwerp of object
7-8Een onbeweeglijk object of een plek
9-10Werp opnieuw , maar het is lastig te winnen, te bereiken en/of te benutten
11-12Werp opnieuw , maar het is ook ruw, broos, log en/of gevaarlijk

Wat is het nu precies? Kies of werp.

Interpreteer de uitkomsten ruim, met de herkomst, het thema en andere details van het voorwerp in je achterhoofd. Laat je inspireren!

Let op: een artefact kan heel goed gemaakt zijn van of met een passend vreemd materiaal (2b. Vreemd materiaal, stap 2b), ook al kreeg je die uitkomst niet. Misschien is je zwaard van de Smidseheren dat hitte en vlammen absorbeert van aetherium gemaakt, of heeft het een rood kristal als knop.

wat is het?
1-8Iets gewoners (volgende pagina)
9-12Iets ongewoners (volgende pagina)
gewoner
1Landbouw: zaad, spade, dorsvlegel, schoffel, hooivork, zeis, ploeg, molensteen, enz.
2Bouw: spijker, baksteen, dakpan, troffel, balk, metselwerk, muur, enz.
3Houder: slot/sleutel, buidel, doos, urn, kist, cel, kluis, enz.
4Huishouden: keukengerei, spil, vat, bezem, levensmiddelen, wieg, weefgetouw, enz.
5Vuur: wierook, olie, kaars, lamp, lantaarn, blaker, komfoor, haard, enz.
6Vloeistof: olie, sterkedrank, flesje, wijnzak, beker, kruik, ton, fontein, bad, enz.
7Bescherming: talisman, helm, mantel, harnas, schild, deur, muur, enz.
8Resten: as, schub, slagtand, hoorn, orgaan, bot, huid, skelet, enz.
9Textiel: vezels, sjaal, schoeisel, touw, kleren, pelzen, beddengoed, wandtapijt, enz.
10Gereedschap: naald, vijl, beitel, zaag, houten hamer, schep, aambeeld, werkplaats, enz.
11Handel: munt, munten, schoudertas, weegschaal, wiel, slee, kar, wagen, enz.
12Geweld: mes, gif, zwaard, staaf, staf, boog, speer, banier, enz.

Als je bijvoorbeeld begon met “een ◇◇ voorwerp of object” en daarna een 4 gooide op de tabel hierboven, zou dat een handmolensteen of een kleine ketel kunnen zijn. Maar “een onbeweeglijk object of een plek” plus een worp van 8 hierboven kan een mammoetslagtand zijn, of een heel knekelhuis!

ongewoner
1Kunst: pigmenten, penselen, snijwerk, beeldje, beitel, schilderij, beeldhouwwerk, enz.
2Schoonheid: cosmetica, sieraden, kam, halsring, diadeem, spiegel, gewaden, regalia, enz.
3Curiosum: wonder, apparaat, raadsel, dingetje, speelgoed, enz.
4Veeteelt: halsband, borstel, porstok, hoofdstel, zadel, tuig, stal, enz.
5Grondstof: poeder, zout, chemicaliën, graan, baar, erts, plaat, timmerhout, enz.
6Muziek: notenschrift, klok, belletje, fluit, ratel, hoorn, lier, luit, trommel, enz.
7Natuur: bloem, veer, schelp, rots, hout, boom, bron, grot, enz.
8Prothese: oog, tanden, hand, voet, arm, been, kruk, rolstoel, enz.
9Religie: symbool, offergave, afgodsbeeld, altaar, ceremonieel(e) ___ (werp opnieuw)
10Gespecialiseerde uitrusting: astrolabium, waterpas, tandwiel, karaf, distilleerketel, oven, enz.
11Schrift: inkt, runen, stylus, rol, perkament, tablet, codex, archief, enz.
12Rijk versierd en/of voortreffelijk gemaakt gewoner voorwerp (vorige kolom)

Let op: een artefact kan heel goed gemaakt zijn van of met een passend vreemd materiaal (2b. Vreemd materiaal, stap 2b), ook al kreeg je die uitkomst niet. Misschien is je zwaard van de Smidseheren dat hitte en vlammen absorbeert van aetherium gemaakt, of heeft het een rood kristal als knop.

Als je bijvoorbeeld begon met “een klein voorwerp” en een 10 gooide op deze tabel, zie je misschien “karaf” en denk je aan een flesje parfum of misschien gif. En misschien is juist de vloeistof bijzonder, niet de houder!


4 Synthese

Bekijk de details die je hebt vastgelegd. Stel je het artefact voor dat ze suggereren. Vul ontbrekende details in en begin definitieve beslissingen te nemen. Wat is dit artefact precies? Waarvoor was het oorspronkelijk bedoeld?

Hoe is het ontstaan, of hier beland?

Je hebt geen volledige geschiedenis van het voorwerp nodig. Maar probeer je iets voor te stellen wat klopt, iets wat op zijn minst naar een verhaal hint.

Terwijl je deze beslissingen neemt, mag je sommige eerder vastgelegde details veranderen of weggooien, of ze vrij of figuurlijk interpreteren. Ze zijn bedoeld om je creativiteit aan te wakkeren, niet om haar te beperken.


5 Uitwerking

Heb je eenmaal een helder beeld, werk het artefact dan uit als een van de volgende:

  • Een korte beschrijving en wat labels, zo'n 20 woorden of minder
  • Een uitgebreide beschrijving, met een titel, wat labels en een paar zinnen over wat het is, hoe het eruitziet, wat het doet (als het iets doet), wat erbij komt kijken
  • Een korte of uitgebreide beschrijving (zoals hierboven), plus een of meer eigen spelerszetten, elk met een aanleiding, uitkomsten en misschien een worp
  • Een verbetering van de nederzetting, iets wat met tijd en moeite blijvend voordeel voor het dorp kan opleveren.
  • Een klein arcanum, een kaartje dat je de speler geeft met een beschrijving en vereisten op de voorkant, en de voordelen van het vervullen ervan op de achterkant.
  • Een groot arcanum: een inlegvel van een halve pagina, met te ontsluiten zetten/opties en gevolgen van het gebruik ervan.

Bedenk voor wie je dit uitwerkt. Alles wat je aan de spelers geeft (labels, fysieke beschrijvingen, eigen zetten, arcana) hoort helder en beknopt te zijn. Maar de geschiedenis van een artefact, de achtergrond, details over waar het gevonden wordt, de nuances van hoe het werkt… dat is allemaal voor jou, om te bepalen hoe je het introduceert en in het spel gebruikt. Schrijf zoveel uit als jij persoonlijk nuttig vindt.

Als de Waarde van het artefact nog niet vastligt, bedenk dan of het er een moet hebben en welke. Zie Boek I, Het spel spelen · Het spel spelen voor ruwe richtlijnen.

Verwacht je dat het artefact voor problemen gaat zorgen, werk het dan ook uit als dreiging (waarschijnlijk een MacGuffin, of misschien een magisch wezen of zelfs een kwaal).

Zie de artefacten verspreid door dit boek voor voorbeelden. Zie Boek I, Ontdekkingen voor meer richtlijnen en een paar uitgewerkte voorbeelden.